Naar de inhoud
    Enginize, Home

    Vakkennis

    VRKI-risicoklasse of NEN 2535: twee kaders, twee vakgebieden

    Waarom de VRKI (inbraak) en NEN 2535 met het Bbl (brand) niet door elkaar mogen lopen, en hoe je ze in één project gescheiden houdt.

    Laatst gecontroleerd

    Kort antwoord

    De VRKI-risicoklasse, van klasse 1 tot en met 4, is een inbraakbegrip van het Verbond van Verzekeraars, beheerd door het CCV. NEN 2535 is een brandnorm voor ontwerp en uitvoering van brandmeldinstallaties; of zo'n installatie nodig is, bepaalt het Bbl. De VRKI geldt niet voor brand en NEN 2535 niet voor inbraak.

    Is de VRKI-risicoklasse hetzelfde als een risicoklasse in NEN 2535?

    Nee. De VRKI-risicoklasse deelt het inbraak- en diefstalrisico van een woning of bedrijf in vier klassen in, op basis van goederen en inventaris. Een brandmeldinstallatie wordt daar niet mee beoordeeld.

    Het woord risicoklasse komt ook in NEN 2535:2017 voor, maar in een andere betekenis: bij de eis aan het toelaatbare aantal ongewenste en onechte brandmeldingen, apart voor interne en externe melding. Met inbraak heeft dat niets te maken. Hoe die eis werkt, staat in de norm zelf.

    Wat is het verschil tussen de VRKI, NEN 2535 en het Bbl?

    De VRKI regelt inbraakrisico, NEN 2535 de kwaliteit van een brandmeldinstallatie en het Bbl of zo'n installatie nodig is. Het zijn drie documenten met een verschillende status.

    De VRKI, NEN 2535 en het Bbl naast elkaar
    KenmerkVRKI 2.0NEN 2535Bbl
    VakgebiedInbraak en diefstalBrandBrand (en andere bouwtechnische regels)
    Soort documentRisicoklassenindeling van het Verbond van Verzekeraars, beheerd door het CCVNorm van NENBesluit onder de Omgevingswet
    Wat het bepaaltDe risicoklasse en de combinatie van maatregelenHoe een brandmeldinstallatie wordt ontworpen en uitgevoerdOf een brandmeldinstallatie nodig is en de minimale omvang van de bewaking
    Waar de uitkomst van afhangtAttractiviteit en waarde van goederen en inventarisHet programma van eisen van het objectGebruiksfunctie, oppervlakte en hoogte, per brandcompartiment
    StatusGeen wet en geen keurmerk; verzekeraars mogen afwijkenHet Bbl verwijst ernaar voor een voorgeschreven installatieWet- en regelgeving
    Wat er 'risicoklasse' heetKlasse 1 tot en met 4 voor het inbraakrisicoEen klasse bij de eis aan onechte en ongewenste brandmeldingenGeen risicoklassen; wel vier niveaus van bewaking

    Wat betekent dit in een project met zowel brand als inbraak?

    Je stelt twee dingen apart vast. Bij inbraak bepaal je de VRKI-risicoklasse en leg je die vast in het intakedocument; zie Wat is de VRKI?

    Bij brand leid je uit het Bbl de eis af en ontwerp je volgens NEN 2535 op basis van het programma van eisen; zie wanneer is een brandmeldinstallatie verplicht en NEN 2535 uitgelegd.

    De uitkomst van het ene zegt niets over het andere. Een hoge inbraakklasse vraagt geen zwaardere brandbewaking, en een brandeis zegt niets over de inbraakmaatregelen.

    Hoe houdt Enginize brand en inbraak uit elkaar?

    In Enginize zijn het twee aparte stappen in hetzelfde project. Voor inbraak doe je de VRKI-intake: de klant vult zelf de goederenlijst in via een link, en Enginize rekent de risicoklasse uit.

    Voor brand leidt Enginize per brandcompartiment de eis uit het Bbl af met de Bbl-afleiding, en stelt het een ontwerp voor op basis van NEN 2535 dat jij controleert; zie brandmeldinstallaties ontwerpen.

    Zo blijven de twee kaders gescheiden, terwijl je beide uitkomsten bij de hand hebt, tot en met de offerte.

    Veelgestelde vragen

    Nee. De VRKI-risicoklasse (1 tot en met 4) beoordeelt het inbraakrisico op basis van goederen en inventaris. In NEN 2535:2017 hoort het woord risicoklasse bij de eis aan het toelaatbare aantal ongewenste en onechte brandmeldingen. De twee hebben niets met elkaar te maken.

    Nee. De VRKI gaat over inbraak en diefstal bij woningen en bedrijven. Voor brandmeldinstallaties bepaalt het Bbl of een installatie nodig is, en NEN 2535 beschrijft ontwerp en uitvoering. Een VRKI-klasse zegt niets over de vereiste bewaking van een brandmeldinstallatie.

    Het Bbl, per gebruiksfunctie. Bijlage II koppelt de eis aan een gebruiksoppervlakte, een hoogte van de hoogste vloer of de functie zelf, en geeft de minimale omvang van de bewaking. De eis geldt voor het hele brandcompartiment van die functie. NEN 2535 beschrijft daarna hoe de installatie wordt ontworpen en uitgevoerd.

    Nee. BORG is een CCV-keurmerk voor bedrijven in bouwkundige en elektronische inbraakbeveiliging. Voor brandmeldinstallaties bestaan aparte CCV-certificatieschema's, onder meer voor leveren en onderhoud, uitgevoerd door certificatie-instellingen. BORG-bedrijven passen de VRKI toe; dat is een inbraakkader.

    Bronnen

    1. Verbeterde Risicoklassenindeling (VRKI) · CCV
    2. VRKI 2.0 Deel A: Risicomatrix, versie 2026 · CCV, 2025
    3. NEN 2535:2017 nl · NEN, 2017
    4. Norm voor brandmeldinstallaties herzien (noemt de interne en externe risicoklasse-indeling) · NEN, 2021
    5. Brandmeldinstallatie, ontruimingsalarminstallatie en rookmelders (informatieblad) · IPLO, 2024
    6. Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage II bij de artikelen 3.115 en 4.208 (brandmeldinstallatie) · wetten.overheid.nl, 2026
    7. BORG inbraakbeveiliging · CCV
    8. Brandbeveiliging: certificatieschema's · CCV

    Laatst gecontroleerd